Kendrick Lamar :: Good Kid, m.A.A.d. City (2012)

Tien jaar geleden verscheen Good Kid, m.A.A.d. City, Kendrick Lamars grote labeldebuut. Als Lamar op latere albums zal uitgroeien tot de chroniqueur van het leven van Amerika’s zwarte bevolking, dan ligt in dit album de kiem van die evolutie besloten. Het is het ultrapersoonlijke relaas van één zwarte man in zijn eigen buurt, maar door Lamars talent om verhalen te vertellen kreeg het een universele waarde, en werd de rapper in één klap een grote ster. Het leest als een American Dream, zonder de schaduwzijde daarvan te verwaarlozen.

Als een kind van Compton in zuidelijk Los Angeles had Lamar – net als vele van zijn buurtgenoten – kunnen kiezen voor de weg van geweld, fout geld en vrouwen. Zijn habitat, het door drugs en geweld geplaagde getto, leende zich daar uitstekend toe. Familieleden zaten in bendes en zwaaiden vrolijk met wapens en drank in huis (zie hiervoor de foto op de hoes). Op zijn vijfde zag Kendrick zijn eerste moord op straat. Op zijn zevende keek hij toe wanneer Tupac en Dr. Dre de op Mad Max geïnspireerde clip voor “California Love” in zijn buurt opnamen. Om maar te zeggen: goede voorbeelden waren schaars en het gangsterethos werd hem met de paplepel ingegeven. Tot aan zijn tienerjaren was ook de jonge Kendrick een straatschoffie met allerlei kleine misdaden op zijn kerfstok. Als late tiener en vroege twintiger bracht Lamar verschillende mixtapes uit onder zijn alias K-Dot, wat Snoop Dogg er in 2011 toe bracht om hem tot de toekomst van de West-Coast rap te dopen. Kendrick had zich weliswaar als een erg begenadigd rapper getoond, maar Schoolboy Q, Vince Staples, Joey Bada$$ en A$ap Rocky waren en zijn dat ook. K-Dot verviel nog te vaak in oppervlakkige clichés over geld, vrouwen en misdaad, maar met Good Kid, m.A.A.d. City nam Kendrick Lamar de volgende stap en ontplooide hij ten volle het potentieel dat Snoop – wijs als hij is – in hem zag.

A Short Film By Kendrick Lamar luidt de ondertitel van de plaat. Een statement maken, heet dat. Hier vind je geen verzameling van losse nummers, dit conceptalbum leest immers als een scenario van een film – zij het dan een film waarvan de scènes Tarantinogewijs door elkaar zijn gehusseld. Good Kid, m.A.A.d. City vertelt het verhaal van één dag in het leven van een zestienjarige jongen in Compton. De plaat is een coming of age waarop we de nog in rapclichés van zelfgenoegzaamheid vervallende K-Dot horen vervellen tot Kendrick, de zelfbewuste en introspectieve rapper die zich nu in de hoogste regionen van het rappantheon ophoudt.

Straten van Compton. Foto: Wayne Hsieh

Kendrick treedt voor het eerst naar voren als een soort moreel kompas, iemand die zijn omgeving én zichzelf haarfijn ontleedt. Het verhaal begint chronologisch bij de jonge Kendrick die zich inlaat met misdaad en drugs. Dat ligt niet in zijn karakter, maar in “The Art of Peer Pressure” herhaalt hij na elke zondige strofe als een mantra dat het niet zijn schuld is: ‘but shit, I’m with the homies’. Groepsdruk als katalysator voor stommiteiten en een handige manier om je verantwoordelijkheid af te schuiven.

De onderliggende boodschap op dit nummer en bij uitbreiding de gehele plaat is dat ieder weliswaar zelf verantwoordelijkheid draagt voor zijn eigen daden, maar dat je mild moet zijn voor wie daar niet in slaagt. Mensen worden niet slecht geboren, het is onder invloed van hun omgeving dat ze vaak van het rechte pad af gaan. En de omgeving van Compton krioelt van de slechte invloeden, waarvan we er in “Good Kid” twee te horen krijgen. Ten eerste zijn er de rivaliserende bendes waar Kendrick tussen leeft: partij kiezen voor een van hen is levensgevaarlijk, maar biedt nog een zekere bescherming. Wie echter neutraal probeert te blijven, is evengoed opgejaagd wild, maar dan zonder de bescherming van de kudde: ‘But what am I ‘posed to do when the topic is red or blue / And you understand that I ain’t’, waarbij rood en blauw de kleuren zijn van de rivaliserende bendes in Compton. Ten tweede is er raciaal geprofileerd geweld door de politie: ‘But what am I ‘posed to do when the blinkin’ of red and blue / flash from the top of your roof and your dog has to say woof’. Rode en blauwe bendes of rode en blauwe lichten van de politieauto, wat is het verschil wanneer je voor geen van beide veilig bent? In “Swimming Pools (Drank)” rapt Kendrick ten slotte over de genotsmiddelen waarin mensen – ook hijzelf – vluchten om aan die problemen te ontsnappen: ‘Now I done grew up ‘round some people livin’ their life in bottles … some people like the way it feel / some people wanna kill their sorrow / Some people wanna fit in with the popular, that was my problem.’ Zijn er grenzen aan groepsdruk als verklaring in zo’n extreme situaties, en waar ligt die dan?

Die gevoelens van machteloosheid en frustratie zijn levensgevaarlijk voor elk kind dat wordt verscheurd door de keuze waaraan het zijn leven wil wijden. Hier ligt ook de verklaring voor de vreemde schrijfwijze van ‘m.A.A.d. city’ in de titel. Ze is te vinden in het gelijknamige nummer: ‘Compton made Me an Angel on Angel Dust’. Die angel dust verwijst naar PCP – of eender welke andere hard drugs – die brave jongens domme dingen laat doen, zoals wanneer de joint waarvan Kendrick lurkt in “Backseat Freestyle” met cocaïne is aangelengd. Iets relatief onschuldig als een joint roken lag al niet in de lijn van zijn persoonlijkheid, maar wanneer anderen er bovendien harddrugs in draaien, wordt het helemaal link. Het engeltje op zijn schouder wordt willens nillens gecorrumpeerd door de verlokkingen om erbij te horen.

Het is pas wanneer Kendrick besluit om uit de eindeloze molen van geweld en wraak te stappen dat de volwassen man in hem wordt geboren. Zijn ouders weten hem te overtuigen om zijn gevoelens van woede en revanche te laten varen en hij besluit de dood van een van zijn vrienden niet meer te wreken. Zijn vader, zelf een ex-bendelid, vraagt hem om niet dezelfde fouten als hijzelf te maken, dat ‘real’ zijn niet betekent de stoere man uit te hangen, maar te volharden in verantwoordelijkheid, het geloof en liefde voor familie. In “Sing About Me, I’m Dying Of Thirst” kiest zijn vriend voor het andere pad, en die wordt brutaal neergeschoten nog voor het nummer uit is. Kendrick blijft daarentegen in leven en wijdt zich aan een hoger doel: het verhaal over zichzelf en zijn afkomst vertellen. Als artiest heeft hij de macht om niet de gangsters te bezingen, maar wel om hun slachtoffers een eeuwig leven te schenken: ‘Everybody gon’ respect the shooter / But the one in front of the gun lives forever’. Slotnummer “Compton” staat buiten het narratief van het verhaal, maar was wel het eerste dat Kendrick (samen met uitgerekend Dr. Dre) voor dit album opnam. Hierdoor is het zowel startpunt als eindbestemming gebleken van het rechte pad dat hij sinds die noodlottige dag bewandelt. Op het einde hoor je hoe Kendrick de auto van zijn moeder leent om naar Sherane te rijden, waardoor het naadloos opnieuw aansluit bij het openingenummer.

Alternatieve hoes voor het album met daarop de auto waarmee Kendrick naar het meisje Sherane rijdt, de scene waarmee het hele verhaal van Kendricks evolutie in gang wordt gezet.

De hiphop kreeg er in 2012 niet enkel een nieuw moreel kompas bij. Op Good Kid, m.A.A.d. City trad de uitzonderlijke tekstschrijver Lamar op de voorgrond. Het zou pas jaren later zijn dat de rapper omwille van zijn literaire merites de Pulitzer Prize zou krijgen, maar ook Good Kid vertoonde al kenmerken van grote letterkunde waar hij nu zo voor geprezen wordt. Net als in de Odyssee zijn er de thema’s van een zwerftocht van één dag, verleidelijke vrouwen, vergetelheid in genotsmiddelen en de loutering bij thuiskomst, maar toch zijn de gelijkenissen met de film Boyz ‘N’ The Hood nog veel groter – zie weeral die ‘shortfilm’ uit de ondertitel. In die film uit 1991 wil ook Cuba Gooding Jr. (die een namecheck krijgt in “Dying Of Thirst”) deelnemen aan een drive-byshooting op de moordenaars van zijn beste vriend, maar zijn vader weet hem te overtuigen thuis te blijven. De gelijkenissen zijn te groot om toevallig te zijn: Kendricks verhaal is niet uniek. Daarnaast bulkt de plaat van filmische effecten: er is de jump scare wanneer in “Sherane a.k.a. Master Splinter’s Daughter” de muziek stilvalt en Kendricks gsm afgaat: ‘Two black hoodies / I froze as my phone rang’. Er wordt gebruik gemaakt van flashbacks en -forwards, dromen en deliria, interne monologen van introspectie én er worden allemaal verhalen van alledaagse zondaars verweven in het verhaal, zoals dat van de prostituee in “Sing About Me, I’m Dying Of Thirst”. Dit alles zorgt voor vaart en een weelderig geheel waarin steeds nieuwe dingen te ontdekken vallen.

Bovendien is dit album niet alleen tekstueel en verhaaltechnisch een rollercoaster. Ook de productie maakt vreemde en onverwachte bochten die weinigen toen hadden zien aankomen. Waar opvolger To Pimp a Butterfly aanvoelt als een solide jazzy geheel, schiet Good Kid nog vele kanten op, een gevolg van de keuze om niet met één maar met een heel team van producers te werken. Door het werk op te splitsen, levert elk van hen perfect afgevijlde beats af die een dragende functie hebben bij de verschillende scènes in het verhaal. Elk nummer ademt een eigen sfeer: van spanning in “Sherane” over gehypete beats in “Backseat Freestyle” tot de mistige atmosfeer van “Swimming Pools”. Soms werken er zelfs twee beats en producers binnen eenzelfde nummer, zoals in “Sing About Me, I’m Dying of thirst” of “m.A.A.d. City” dat halverwege switcht van paranoïde angstdroom naar een zware Westcoastbeat om Kendricks terugkeer naar de realiteit weer te geven (‘wake your punk ass up!’). Een album over Compton vraagt uiteraard om vintage hiphop, waarbij samples uit de meest uiteenlopende genres worden gelift. Seventies soul van Bill Withers of Roy Ayers zijn usual suspects, maar Beach House of de scandinavische Boom Clap Bachelors zijn dat veel minder – er is zelfs een Belgische connectie via de Chackacha’s (‘A ring king king!’).

Foto: Roo Reynolds

Bovendien speelt Lamar hier, net als op zijn latere albums, met de manier waarop hij zijn stem gebruikt. Op TPAB zingt hij als verschillende personages (zoals een oud vrouwtje) maar op Good Kid zijn de stemmen allemaal verschillende aspecten van zijn eigen persoonlijkheid. Wanneer we vooraan in het verhaal zitten, in “The Art Of Peer Pressure” en “Backseat Freestyle”, rapt hij zoals zijn zestienjarige opruiende zelf (‘I pray my dick get big as the Eiffel Tower / So I can fuck the world for seventy-two hours’), in “m.A.A.d. City” is hij gegrepen door angst, en op het einde van het album horen we zijn volwassen stem, zonder maniërismen.

Op Good Kid, m.A.A.d. City was Kendrick Lamar klaar om afscheid te nemen van zijn jeugd. Hij was vijfentwintig toen het album uitkwam, wat natuurlijk niet meteen oud te noemen is, maar doorgaans debuteren rappers op jongere leeftijd. (Ter vergelijking: zijn grote held Tupac stierf toen hij vijfentwintig jaar oud was, maar die koos resoluut voor het gangsterleven.) Kendrick heeft zijn ervaringen jarenlang laten gisten en er een meesterwerk uit gepuurd op de leeftijd dat hij er klaar voor was. Na Good Kid, M.A.A.D. City was Lamar klaar met het verhaal van zijn jeugd en zijn achtergrond, en kon hij verder kijken dan Compton.  We weten allemaal waar dat hem gebracht heeft. Met To Pimp A Butterfly werd hij in 2015 dé muzikale vertolker van hoe het is om zwart te zijn in Amerika, anno Black Lives Matter. En zelfs wanneer hij zich later door zijn wereldfaam geconfronteerd ziet met verleidingen die tien keer groter zijn dan degene waaraan hij zich ontworstelde uit het getto (luister maar naar een nummer als “United In Grief” op Mr. Morale & The Big Steppers), is hij daar nu als gelouterd man op zijn minst tegen opgewassen. Transformeert Lamar op latere langspelers tot larger than life rapsuperheld onder het alter ego Kung Fu Kenny, dan toont hij zich op Good Kid, m.A.A.d. City nog menselijk – al te menselijk. Hij is Kendrick Lamar, een zondig en zoekende mens tussen de mensen. Hij schetst op dit album zijn eigen lot én vervult het er tegelijk mee. Die grijpbaarheid maakt van Good Kid, m.A.A.d. City de perfecte doorbraakplaat.

Top Dawg Entertainment
Beeld:
Bart Vander Sanden

verwant

Eindejaarslijstje 2022 van Philippe Nuyts

Globaal gezien wint elk jaar tegenwoordig een lelijkheidsprijs. De...

Eindejaarslijst 2022 van Jef De Ridder

Dit was voor mij geen jaar van de gitaar....

Kendrick Lamar :: Mr. Morale & The Big Steppers

Op zijn vijfde kijkt Kendrick Lamar lang en diep...

Thundercat

In het adresboekje van wonderbassist Stephen ‘Thundercat’ Bruner kom je wel wat namen tegen. Op de eerste plaats Flying Lotus, op wiens platenlabel Braindfeeder hij al vier platen uitbracht. Vlak onder producer FlyLo: vaste kompaan Kendrick Lamar, op wiens magnum opus To Pimp A Butterfly Thundercat voor het gros van de baslijnen tekende. En verder op de lijst: muzikale vernieuwers zoals Kamasi Washington, Erykah Badu, Childish Gambino, Louis Cole, Ty Dolla $ign en Steve Lacy. Zelfs Prince was fan! Om maar te zeggen: Thundercat is waanzinnig hot. Maar Thundercat is gewoon ook waanzinnig goed bezig. Met zijn laatste album It Is What It Is uit 2020 scoorde hij onlangs een Grammy Award for Best Progressive R&B en bevestigde hij zijn transitie van topmuzikant tot superster. De inspiratie voor de opvolger van Drunk uit 2017 vond Bruner jammer genoeg in het overlijden van Mac Miller. Als een hommage aan zijn vriend en medemuzikant maakte hij een album over liefhebben en verliezen, volgens het fatalistische inzicht dat de dingen zijn wat ze zijn. Maar de vijftien vaak korte songs, samengebald tot een krachtig kunstwerk van 38 minuten lang, nodigen de luisteraar ook uit op een onweerstaanbaar muzikaal feest. Met zijn zwoele falsetstem verrijkt met effecten en zijn eigenzinnige mix van soul, funk, jazz, hiphop en elektronica creëert Bruner intimistische en tegelijk uiterst dansbare klanksculpturen. Thundercat live bezig zien is een belevenis. In 2017 stond hij met een band met even fantastische muzikanten op het podium van De Roma en maakte hij van elk nummer een waanzinnig nieuwe versie. “Thundercat trakteerde het publiek op een bijna twee uur durende beleving, die bij een loutere luisterbeurt van de platen onmogelijk verkregen zou kunnen worden”, vatte De Beren Gieren het samen. “Miraculeus hoe snel en geïnspireerd zijn vingers over de arm van zijn zessnarige basgitaar dansten”, schreef De Standaard na een eerder passage in ons land. Mis deze unieke ontmoeting met het wonder van de hedendaagse R&B niet! Bron: ©de Roma

Childish Gambino :: 3.15.20

Alles knettert op 03.15.20, de vierde plaat van Childish...

aanraders

Sparklehorse :: Bird Machine

We dachten dat het nooit meer zou gebeuren, maar...

The Slow Show :: Subtle Love

Eigenlijk had The Slow Shows daags na verschijnen van...

Goes & Goes :: Nie Gezeverd

Bestaat er zoiets als blues uit Vlaamse klei getrokken?...

Public Service Broadcasting :: This New Noise

Geef J. Willgoose, Esq. een oubollig onderwerp en hij...

Comité Hypnotisé :: Danza del Piri-Piri

Return of the Jedi, The Godfather III, Back to...

recent

Die Antwoord

test

Sparklehorse :: Bird Machine

We dachten dat het nooit meer zou gebeuren, maar...

Nicolas Barral :: Als de fado weerklinkt

De periode Salazar is een donkere bladzijde in de...

Glasvegas :: 30 september 2023, Trix

Brexit of niet, net geen tien jaar na de...

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in