Around the World In 80 Days




Eigenaardig gevalletje, dit. Regisseur Frank Coraci waagt zich aan
een nieuwe verfilming van de klassieker van Jules Verne (waar in de
eerste plaats al niemand echt op zat te wachten), en ontdoet het
verhaal vervolgens systematisch van alle aantrekkelijke punten die
het bezat. Niet alleen wordt de plot, met uitzondering van de
premisse, vrijwel geheel overboord gegooid, maar ook is dit een
film waarin de hoofdpersonages de hele wereld rondreizen zonder dat
we veel van die wereld te zien krijgen. Een film waarin de
wereldreiziger, Phileas Fogg, plots niet eens meer de protagonist
van z’n eigen verhaal mag zijn, maar gedegradeerd wordt tot
noodzakelijk aanhangsel van de voornaamste held, zijn butler
Passepartout. Een film waarin het inherente avontuur van een
gevaarlijke reis wordt opgegeven voor een eindeloze reeks
knokpartijen. Waarin ouderwets avontuur plaats moet maken voor
opzichtige, maar niets ter zake doende speciale effecten (nóg een
shot waarin de camera door de wolken heen inzoeft op het land waar
onze helden zich bevinden, komaan, nóg één!) Persoonlijk associeer
ik de boeken van Jules Verne altijd met het mysterie van het
onbekende, het avontuur van iets dat voor de eerste keer wordt
gedaan en waarvan de afloop allesbehalve zeker is. In deze film
vinden we daar niets van terug – wat we krijgen, zijn een hoop
hysterische capriolen en Jackie Chan die de ene schurk na de andere
tegen de grond mept.

Het verhaal is u welbekend: wetenschapper Phileas Fogg (Steve
Coogan) is een man die bezeten is door het concept tijd en door de
vooruitgang. Hij werkt aan machines die de “snelheidsbarri√®re” van
80 kilometer per uur kunnen doorbreken, aan vliegmachines en wat
dies meer zij. Hierin wordt hij tegengewerkt door Lord Kelvin (Jim
Broadbent), de voorzitter van de Explorer’s Club – het soort man
die genoeglijk aan z’n sigaar trekt en simpelweg verklaart dat
“alles dat moeite van het ontdekken waard is, al lang ontdekt of
uitgevonden is”.

Dat conflict was een belangrijk punt in het verhaal van Jules Verne
– conservatisme en gezapige berusting in de idee dat verdere
wetenschappelijke vooruitgang ofwel onmogelijk, ofwel simpelweg
overbodig zou zijn, stonden destijds haaks op de wens van veel
wetenschappers om tóch verder te onderzoeken en technologische
ontwikkelingen te stimuleren. Dit was de tijd toen Darwin in z’n
gezicht werd uitgelachen om z’n evolutieleer en het idee dat
dokters hun handen moesten wassen voordat ze iemand verzorgden, een
nieuwigheid was. ‘Around the World In 80 Days’, net zoals zoveel
werk van Verne, toonde een gote fascinatie met de mogelijkheden van
de moderne wetenschap en plaatste die ontwikkelingen tegenover de
angstige behoudsgezindheid van de oudere generatie. Die context
gaat grotendeels verloren in deze film – aan het begin wordt er
heel even naar verwezen, maar daarna verzandt de prent in een voor
de hand liggend kinderfilmpje. Wat jammer is – waarom geen film die
op het jonge publiek mikt, zónder daarom het drijvend concept
achter het verhaal te vergeten? Kinderen zouden er geen last van
hebben als die wél aanwezig was, volwassenen zouden de film
misschien boeiender vinden.

Hoe dan ook, Fogg en Kelvin gaan hun weddenschap aan en de
uitvinder vertrekt, samen met zijn butler Passepartout, om in 80
dagen de hele wereld rond te reizen. Volgens deze film is
Passepartout echter een Chinese dorpeling die kort tevoren een
Boeddhabeeldje uit de Bank van Engeland heeft gestolen om het terug
te brengen naar zijn dorp. Een gemene krijgsdame, generaal Fang,
gespeeld door Karen Mok, zit samen met haar doodseskader achter
Passepartout en het beeldje aan.

Die nevenplot heeft uiteraard absoluut niets te maken met Jules
Verne, maar dient enkel als excuus om Jackie Chan toch maar zo
dikwijls mogelijk door de lucht te laten zoeven en achterwaartse
flik-flaks te laten maken. De voornaamste reden waarom ‘Around the
World in 80 Days’ faalt, is omdat de interesse van de filmmakers
hoegenaamd niet bij de tussenstops van Fogg en co lijken te liggen,
maar enkel in de actiescènes tussen Chan en de talloze naam- en
gezichtsloze vijanden die hij voor pulp achterlaat. In élke stad
waar onze helden anker leggen, volgt er een uitgebreide knokscène,
dat is de enige vorm van structuur die de prent heeft. We krijgen
nauwelijks iets te zien van de landen waar de personages passeren
of van de mensen die er wonen. Wie kan dat wat schelen, wij willen
Jackie Chan ‘m van jetje zien geven! Naar het einde van de film
toe, doen de makers van dit onding zelfs geen enkele moeite meer –
in Parijs zien we aanvankelijk nog een minimum van de stad tijdens
de actiescène, die zich voor een groot deel afspeelt in en rond een
luchtballon. Maar tegen de tijd dat ze in New York zijn beland,
wordt de obligatoire gevechtsscène in een leegstaande loods
ge√ęnsceneerd – dat is makkelijker dan een set te moeten bouwen die
je het gevoel geeft in het New York van 1872 te zitten.

Pogingen tot humor beperken zich tot groteske bekkentrekkerij en
slapstick waar Chaplin en Buster Keaton zich voor zouden schamen.
Personages lopen tegen muren, worden als levende stormrammen
gebruikt, springen letterlijk een meter hoog op wanneer ze horen te
schrikken, en drukken het gevoel pijn uit alsof ze in een enorm
theater staan te spelen, waarin de achterse rij ook nog moet kunnen
volgen. Vooral Ewen Bremner (nota bene ooit nog Spud in ‘Trainspotting’!) krijgt het zwaar te
verduren als corrupte flik die achter Fogg wordt aangestuurd om z’n
reis te saboteren – de man fungeert als boksbal van de film in een
serie genante scènes die steeds pijnlijker worden. Ik zou het
scenario van deze prent wel eens willen zien, gewoon om te kijken
hoe vaak ik regie-aanwijzingen tegenkom genre: “Stoot z’n hoofd
tegen”, “valt”, “schreeuwt het uit” of “vliegt in een boog de lucht
in”. Per pagina wel een keer of vijf, zou ik schatten. Dit is het
live action equivalent van een tekenfilmpje van ‘Tom en Jerry’,
maar dat dan twee uur lang. Het blijft niet grappig, kan ik u
zeggen.

‘Around the World In 80 Days’ is een avonturenfilm waarin alle
gevoel voor avontuur wordt opgeofferd voor doelloos hyperkinetisch
geboks, een komedie die ronduit irritant wordt en een
literatuurverfilming die elke nobele intentie van het bronmateriaal
een mes in de rug steekt. En dan doet Jackie Chan er nog in mee
ook. Triestig.

http://disney.go.com/disneypictures/80days/main_flash.html

1
Met:
Jackie Chan, Steve Coogan, Cécile De France, Jim Broadbent, Karen Mok, Ewen Bremner
Regie:
Frank Coraci
Duur:
120 min.
2004
USA
Scenario:
David Titcher, David Beo, David Goldstein

verwant

The Lost King

Ricardianen zijn een bende zeurkousen die hun kostbare uren verslijten door de...

De Son Vivant

Zes jaren na La Tête Haute, een verhaal over...

Stan & Ollie

Oliver Hardy en Stan Laurel, oftewel ‚Äėden dikke en...

The Sense of an Ending

Bij de koffie en thee gaf Julian Barnes, auteur...

T2 Trainspotting

Choose life. Choose a job. Choose nostalgia. Het lijkt...

aanraders

Madeleine Collins

Regisseur Antoine Barraud is geen grote naam in het...

Belfast

Naar eigen zeggen had Kenneth Branagh al jaren plannen...

Blaze

Hoewel hij vooral bekendheid geniet als een acteur...

recent

Die Antwoord

test

Sparklehorse :: Bird Machine

We dachten dat het nooit meer zou gebeuren, maar...

Nicolas Barral :: Als de fado weerklinkt

De periode Salazar is een donkere bladzijde in de...

Glasvegas :: 30 september 2023, Trix

Brexit of niet, net geen tien jaar na de...

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in